maandag 31 mei 2010

Denkend aan Toon Beijer

Na afloop van de laatste 'Denkend aan de Dru' wilde ik Toon Beijer, een van de gasten van die dag, nog even spreken. Hij sprak daar onder andere over de kampioenswedstrijd van SDOUC tegen Rijnland.
Ik dacht terug aan de uitwedstrijden waar ik in die jaren wel eens met mijn vader naar toe fietste. Daar in Lobith, de thuishaven van Sportclub Rijnland, waren we er ook bij.
Mijn vader moest soms bemiddelen bij wrijvingen tussen bestuur of trainer en de vaak kritische spelersgroep, en kreeg zodoende ook met Toon te maken. Toon zei het in de Drufabriek zelf: "Ik was een enfant terrible". Maar ik weet dat mijn vader hem een prachtige speler vond. En nu hoorde ik van Toon dat de waardering wederzijds was.

Toon Beijer was 'een amparte'. Als voetballer is hij nu moeilijk met iemand te vergelijken. Vroeger misschien met iemand als Tscheu La Ling. Flegmatiek, lui, als ze er geen zin in hebben doen ze een hele wedstrijd niks en altijd een bloedhekel aan meeverdedigen. Maar als ze het op de heupen hebben sturen ze iedere verdediger keer op keer het bos in en staan de toeschouwers op de banken.
Soms begon Toon aan een ellenlange solo. Liep hij zich vast dan klonk er gevloek langs de lijn. Veel vaker klonken er bewonderende kreten en applaus. Voor zulke spelers ga je naar het voetballen (al moet je er geen elf van hebben).
Inmiddels is Toon hoofd Scouting bij ADO Den Haag. Hopelijk let hij daar ook op spelertjes die dezelfde voetbalkwaliteiten hebben als hij.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen