woensdag 16 december 2009

De Drufabriek in Ulft




De onderstaande tekst en foto kreeg ik van John Haverdil per mail. Het is een gedeelte uit het WBS jaarboek 2009. Dit is dus een landelijke primeur;)


De DruFabriek in Ulft
Zichtbaar

‘Er is meer, veel meer nodig en dat moeten we zelf gaan halen want brengen doen ze het niet, men weet ons niet te vinden. De Achterhoek? Waar ligt de Achterhoek?’ schrijft John Haverdil provocerend op zijn blog. De geboren Ulftenaar, sinds 2005 PvdA-wethouder in de nieuwe gemeente Oude IJsselstreek, schrijft het na een delegatie-bezoek aan Brussel. Het is de Europese hoofdstad niet echt kwalijk te nemen dat men daar het antwoord schuldig blijft, de EU kent vele onbekende achterhoeken. Het wordt kwalijker als je eigen provincie, je eigen land, je over het hoofd ziet.

Momenteel wordt in het oosten van het land met enthousiasme gewerkt aan een antwoord op de crisis. Een samenwerkingsverband tussen lokale overheid en bedrijfsleven maakt door vindingrijke initiatieven de streek cultureel en economisch op dit moment zichtbaar. Het zal niet lang meer duren voor we naar de Achterhoek afreizen om het met eigen ogen te zien. De DruFabriek.

Voor hen die even niet hebben opgelet bij aardrijkskunde het volgende. De Achterhoek ligt tegen de Duitse grens onder Twente, waar het vaak mee wordt verward. De rivieren Rijn en IJssel vormen de zuidwester grens.

In de streek heeft men een bovengemiddelde voorliefde voor motorengeronk, agrarische feestdagen en men blinkt er uit in burenhulp, het noaberschap. Het is de geboortegrond van Guus Hiddink, Klaas-Jan Huntelaar en Robert Gesink.

Men is er bijzonder trots op de traditie, hier worden nog vendeliers opgeleid, hier strijdt men nog om de titel knuppelkoningin tijdens het vogelknuppelen op de Polse Kermis.

Maar de streek kent ook een geheel andere unieke traditie. Hier vindt men het oudste zware industriële gebied van Nederland.

Langs en in de Oude IJssel werd aan het einde van de zeventiende eeuw ijzererts gevonden. Door de aanwezigheid van deze ijzeroerbanken ontstonden er in Terborg, Doetinchem en Keppel hoogovens en gieterijen. In het begin aangedreven door watermolens die met de blaasbalg het houtskoolvuur aanwakkerden. Men goot er generaties lang roosters en ramen, pannen en potten maar ook kogels voor de Pruisen als dat zo uitkwam. Deze ijzergieterijen trokken ook andere ondernemers aan, met name uit de metaalnijverheid.

Vanaf 1755 ook in Ulft, waar na een financiële injectie van de handelaar Brant uit de hoofdstad ‘De Amsterdamsche en Ulftse IJzerhutte’ werd opgericht. Twintig jaar later werd deze fabriek verpacht aan de heer Bernard Diepenbrock en zijn neven Theodor en Bernard Reigers uit Bocholt. De merknaam DRU was een feit (Diepenbrock & Reigers, Ulft). Bijna tweehonderdvijftig jaar worden hier behalve de roosters en braadpannen, kachels, haarden en badkuipen door DRU gefabriceerd.

Na 1888 worden gebouwen ingrijpend vernieuwd en uitgebreid. Het fabriekscomplex ontworpen door de architecten Gerrit en Arend Beltman is beeldbepalend voor Ulft. Zelfs de loop van de Oude IJssel wordt verlegd om de productie ruim baan te geven.

Aan het begin van de twintigste eeuw is het gevonden ijzer niet langer van belang en zijn alle gieterijen overgegaan op geïmporteerd ruwijzer. Na de Eerste Wereldoorlog moderniseert de DRU ook haar interne structuur: kantoorfuncties worden belangrijker en er komt een scheikundig laboratorium.

Tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw is DRU de grootste werkgever in de streek. De huidige directeur van de Stadsschouwburg Amsterdam herinnert zich nog hoe hij in de Wolseley mee mocht met zijn vader Frank, de toenmalige directeur van de DRU en dat hij dan op de grote Ollivetti typemachine mocht tikken. Maar het meest is hem de ijzergieterij bijgebleven: ‘met ‘echte’ arbeiders, mannen groot en sterk, in blauwe overalls, die liepen met potten brandend gietijzer. Dat fel oranje brandende gietijzer is een fenomeen voor een kind. Ik zal het m’n leven niet vergeten en ik keek m’n ogen uit. Ook in de walserij, waar het zo’n enorme herrie was.’ ‘Als ik in de fabriek was, dan was ik uiteindelijk toch het meeste in de portiersloge. Ik zat daar naast de portier en ik mocht dan de slagboom bedienen. Bij het passeren van een auto gaf ik zo’n knikje dat de portier gaf.’

Zes jaar geleden is de firma, met behoud van de merknaam, opgegaan in een groter concern en zijn de activiteiten verplaatst naar nieuwbouw in Duiven.
Lege ruimte

Wanneer in 2003 de laatste hal wordt verlaten blijft op het terrein aan de Oude IJssel een reeks gebouwen staan die inmiddels de status van rijksmonument hebben verworven. Wat te doen met deze immense ruimte die voor Ulft en de regio van zo’n grote cultuurhisorische waarde is?

Het herkennen van die waarde hangt erg af van de tijdgeest. De fabriekscomplexen van vergelijkbare bedrijven, bijvoorbeeld ATAG en ETNA die eerder failliet gingen, zijn zonder pardon gesloopt. Maar sinds enige decennia heeft men ook oog voor het ‘nieuwe erfgoed’. De DRU-gebouwen hebben het geluk gehad dat er een brede, wetenschappelijke en maatschappelijke erkenning is onstaan van dit industriële erfgoed. Afbraak was inmiddels niet meer zo vanzelfsprekend, zodat delen van het fabriekscomplex de kans kregen rijksmonument te worden.

Twee argumenten hielpen bij deze beslissing. De lokatie van een gaaf fabrieksterrein aan een groen, verder onbebouwd rivierdal is in Nederland uniek. Dat de lokale bevolking zich zo betrokken voelt bij het behoud van ‘de Hut’ heeft zeker ook een rol gespeeld.

December 2006 neemt de nieuwe coalitie in de gemeenteraad, die bestaat uit Lokaal Belang, VVD en PvdA, in een raadsvergadering van de Gemeente Oude-IJsselstreek, na jaren van plannen maken het besluit het DRU-terrein te bestemmen voor een combinatie van wonen, werken en cultuur.

John Haverdil, als wethouder ruimtelijke ordening, volkshuisvesting, cultuur, stads- en dorpsvernieuwing en monumentenzorg, zo ongeveer voor alles verantwoordelijk wat dit je in dit project kunt tegen komen heeft het paars-lokale college geleid naar een gedurfd plan: Het Gietelinck.

Overleg met de toekomstige gebruikers, een Arnhemse vastgoedontwikkelaar en een woningbouwvereniging levert een levensvatbare transformatie van een gesloten fabrieksterrein naar een open, op de toekomst gerichte wijk. Een belangrijke rol in het proces is weggelegd voor de Nationale Maatschappij tot Behoud, Ontwikkeling en Exploitatie van Industrieel Erfgoed (BOEi), een landelijke non-profit organisatie die zich bezighoudt met het herbestemmen van industrieel erfgoed.

Een convenant, mede door de provincie ondertekend, bezegelde de samenwerking tussen alle partijen.

Eenvoudig was de realistie van het plan niet, er moesten oplossingen worden gevonden voor bodumverontreiniging, begrotingstekorten en gewijzigde subsidievoorwaaarden.

Nu, in het najaar van 2009, is de Cultuurfabriek DRU als eerste deel van het plan feestelijk geopend. Joep van ‘t Hek heeft de Fabriek al op zijn theatertour bezocht en Nout Wellink heeft er al de De Architectuur Prijs Achterhoek uitgereikt. De eerste oefenruimtes zijn betrokken en de eerste vergaderingen hebben al plaatsgevonden in ruimtes die geuren naar nieuw.

Wanneer het geheel is voltooid zullen de zeven rijksmonumentale fabrieksgebouwen een nieuwe functie hebben gekregen en zijn er rond de 280 nieuwe appartementen gerealiseerd. Deels gebruik makend van de oude fabriekshallen en deels vrijstaande nieuwe energiezuinige woningen.

Zo zullen er in De Badkuipenfabriek 16 casco lofts worden gerealiseerd. Met deze woningbouw wordt de werkgelegenheid in de bouw voor een langere periode in de regio veilig gesteld.

Ulft beschikt vanaf nu - in het voormalige Portierscomplex - over een openbare bibliotheek, een nieuwe theaterzaal, een popzaal met plaats voor een kleine duizend bezoekers, oefenruimte’s voor het individueel muziekonderwijs en over een ruimte voor koren.

Uiteraard herbergt een van de oorspronkelijke erfgoedpanden het IJzermuseum waar de geschiedenis van DRU is te zien. Conferentieruimtes en tentoonstellingsruimtes geven Het Gietelinck een meer dan regionale betekenis. Met twee ROC’s is overeengekomen leerwerkplekken in het cultuurcluster te realiseren, zodat jonge mensen zich kunnen ontwikkelingen en daarmee het uitzicht op werk te vergroten.
In beeld

Op oude foto’s is te zien welke omvang het DRU-terrein in de kleine gemeente heeft. In een flauwe bocht van de rivier is in de loop van eeuwen een complex ontstaan dat uit verschillende hallen en een portiersgebouw bestaat. De KLM maakt in de jaren twintig luchtfoto’s van de Ulftsche IJzergieterij Diepenbrock & Reigers, je kunt hier aan de zeven rokende schoorstenen zien dat de waterkracht heeft plaats gemaakt voor stoom. Die schoorstenen zijn inmiddels allemaal verdwenen, maar de watertoren blijft midden in het gebied bewaard als beeldbepalend element.

Ansichtkaarten hebben er voor gezorgd dat veel beeld uit het verleden is bewaard gebleven. De in verhouding hoge oplage garandeert een grote ‘overlevingskans’ van het beeld. Prentbriefkaarten werden al in een vroeg stadium gespaard door verzamelaars. Het valt op hoe gevarieerd de foto’s op die kaarten zijn, nergens krijg je zo’n goed beeld van het verleden van Ulft als op de ansichtkaarten in de collectie van het Gelders Documentatiecentrum.

De in opdracht van de firma gemaakte fabrieksfoto’s tonen alle facetten van het bedrijf, van het smelten van het ruwe materiaal tot het eindproduct. Van de oudste beelden zijn de makers vaak onbekend, maar in de landelijke fotoarchieven bevinden zich recentere reportages, gedateerd en op naam van de fotograaf. Maar ook daar ben je weer afhankelijk van de informatie die de maker ons naliet.

Hans Spies fotografeerde de fabriek in 1936. Waarschijnlijk in opdracht, hij werkte vaak als interieurfotograaf voor Linoleum Krommenie, Bruynzeel en de Leerdam Glasfabriek, in dit rijtje past de DRU zeker. Ook de fotografen Henk Jonker en Kees Scherer waren in de jaren vijftig en zestig te gast in Ulft, maar verdere gegevens over de reden van de reportage ontbreken.

De meest recente fotografie komt van de Achterhoekse fotograaf Stan Bouman. Hij was er bij toen in oktober het gebouw feestelijk werd ingewijd met wat lokale rituelen door de commissaris van de koningin Clemens Cornielje, burgemeester Hans Alberse en directeur Jeroen de Kok. Daarna kon het openingsfeest in aanwezigheid van Piet Wijkamp, die ruim 42 jaar bij DRU werkte en ruim 300 genodigden beginnen.

Wethouder John toonde recent een foto van zijn vader Johan Haverdil op het weblog van de DruFabriek. Zijn vader, die hem verbood naar de kunstacademie te gaan - daarmee beland je alleen maar in de steun -wist hem te sturen naar een opleiding werktuigbouwkundig tekenaar. Een vaste baan bij één baas was evenwel niets voor hem. Zo werd Haverdill industrieel ontwerper, coordinator vluchtelingenwerk en volgde hij de opleiding welzijnskunde- en management. En is dus nu wethouder.

Zijn begeleidende tekst verklaart veel van het tomeloze enthousiasme in Ulft: ‘Als zoon van een huttenkaerl ben ik natuurlijk bijzonder trots dat ik hier nu mijn stempel op mag drukken en als Dru-projectwethouder aan het stuur mag zitten. Niet voor mezelf, maar voor alle huttenkaerls van toen en nu, voor alle kinderen en kleinkinderen [...]. Jammer dat de generatie van toen er bijna niet meer is. Hoe zouden ze de transformatie van de Dru hebben ervaren? Uit respect voor de arbeiders van toen is het complex voor de toekomst veilig gesteld [,,,]. Een geschenk van de Dru-huttenkaerls aan de generatie van nu en straks.’

De foto stamt uit 1962 en is gemaakt door DRU-huisfotograaf Van Onna. Haverdil weet dat zijn vader, links op de foto op dat moment 44 jaar is. Hij vraagt op het blog of iemand weet wie die andere heren op de foto zijn.

Het duurt niet lang of hij krijgt een uitvoerig antwoord van Gert Wanders: ‘Die foto is genomen op een donkere natte vrijdagmiddag om precies te zijn 21 december 1962 [...] ter gelegenheid van de Kerst. Bij deze bijeenkomst was al het personeel van hoog tot laag naar de Assemblage gekomen om daar de resultaten van het afgelopen jaar te aan horen door direkteur Frank Daamen. De direkteur had het over o.a. verkoop, produktie, jubilarissen, nieuwe produkten, maar ook over de plannen voor 1963, o.a. Gieterij 5, nieuwe stoomketel enz. In de pauze kon het personeel luisteren naar gezang van het DRU-koor en de kapel onder leiding van Bennie Geerts [...] De kachel op de foto achter je vader was een JAN 62, prijs f 395,00. De personen op de foto zijn van links naar rechts: Johan Haverdil; N.N.; Theet Kok; M. Scelag (een Pool) en Dick de Vries die werkte op de afdeling Technische Kantoren (werkvoorbereiding), het gebouw wat jullie nu Loonburouw noemen.’

Wanders weet zich ook nog te herinneren dat het 25-jarig jubileum van Johan Havedil bij DRU, een van de laatste handelingen van direkteur Frank Daamen zou zijn. Twee weken later zou Daamen verongelukken op zee.

De foto’s van DRU in Ulft tonen een eeuw lokale geschiedenis. Een fabriek aan een bocht van de rivier.

En de weg naar Gendringen, de Dorpsstraat en de Groote straat. De kerk, het klooster en het Vereenigingsgebouw. En sinds kort de DruFabriek. De Smeltkroes, 't Pakhuus en het Schaftlokaal.


Tijdens de ledenvergadering van de Partij van de Arbeid in de gemeente Oude IJsselstreek is wethouder John Haverdil onlangs unaniem tot lijsttrekker van de PvdA voor de gemeenteraadsverkiezingen van volgend voorjaar gekozen.

Simon B. Kool

Reblog this post [with Zemanta]

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen